|
| |
|
|
|
Red de vlinder van de vergetelheid
Patrick Modiano laat zijn
personages leven bij de gratie van zekere stiltes
door Margot
Dijkgraaf
|
|
|
‘In
het café van de verloren jeugd’ heet de nieuwe Modiano. Zelfs wie nog
nooit een boek van de Franse schrijver in handen heeft gehad, zal
aanvoelen om welk soort café het hier gaat. Een onopvallend,
schemerduister café in de buurt van Place de l’Odéon in Parijs, de
stamkroeg van een jonge artistieke en literaire bohème rond het midden
van de vorige eeuw, waar een zekere Madame Chadly zich nergens meer over
verbaast en goedmoedig groene Baskische likeur serveert. Een
toevluchtsoord voor ontheemden, die ‘geen enkele ankerplek in hun leven
hebben’, ‘mensen die op een dag verdwijnen, waarna je je ineens
realiseert dat je niets van hen wist, zelfs niet hun echte identiteit’. Een echte Modiano dus, waarin de auteur
met meesterhand een wereld van stilte en onbestemde weemoed oproept, een
wegvliedend en ongrijpbaar universum waartegen alleen het opstellen van
namen- en adressenlijstjes een mogelijk verweer kan zijn. Wie schrijft kan
ten minste nog iets van de voorbije tijd bewaren. Zo is er een vaste cafébezoeker,
‘le capitaine’, die jaar na jaar in een schrift noteert wie er op
welke tijd het café binnenkomt. In wezen ‘probeert hij de vlinders die
enkele minuten rond een lamp cirkelen te redden van de vergetelheid’.
Een ander personage maakt opsommingen van
wat hij ‘neutrale zones’ noemt, ‘stukken no man’s land, waar je
aan de rand van alles bent, op doorreis, waar alles onbeslist, onzeker is,
waar een zekere immuniteit heerst’. In die delen van de stad wil hij
verblijven, als het ware buiten de echte, harde wereld. Slechts op een
zeldzaam moment van geluk heeft hij het niet nodig houvast te zoeken bij
de geografie, dan is een ‘reis naar het hart van de zomer’ genoeg,
‘daar waar de tijd stil staat’.
Wereldbeeld
In deze schitterende roman staan steeds weer anders geformuleerde
benaderingen van Modiano’s wereldbeeld. Zoals: ‘In dit leven dat je
soms voorkomt als een braakliggend stuk grond zonder bewegwijzering,
tussen verdwijnende lijnen en verloren horizons, zou je punten willen
vinden waarop je je kunt oriënteren, je zou een soort kadaster willen
opstellen, zodat je niet langer het idee had doelloos rond te zwerven. Ik
zweeg, keek naar de stapel tijdschriften. Midden op de lage tafel, een
grote gele asbak met de tekst: Cinzano. En een ingebonden boek met de
titel: Adieu Focolara. Zannetacci. Jean-Pierre Choureau. Cinzano. Focolara.
En aan dat alles moest je dan betekenis zien te geven.’
Dat doet Modiano in deze roman door het woord te geven aan vier
vertellers, bezoekers van café Condé, het café van de verloren jeugd.
Eerst is er de student van de Ecole supérieure des Mines die kennis maakt
met Tarzan, ‘le jaguar’, Ali Cherif, Caisley en Louki, mensen die al
even moeilijk te duiden zijn als de herkomst van hun bijnaam. Les chants
de Maldoror (Lautréamont) wordt er gelezen, Les illuminations (Rimbaud)
en Louise du Néant (over een 17de-eeuwse aristocratische mystica).
Sommigen kennen elkaar uit een vorig leven, kennen de zwakke plekken in
elkaars verleden. Angst kleurt de ontmoetingen, ‘wij leven bij de gratie
van zekere stiltes’.
Moulin Rouge
Twee mannelijke bezoekers van de Condé zijn gefascineerd door Louki, een
figuurlijk zusje van de vrouwen uit Des inconnues, van La Petite Bijou en
alle andere vrouwen uit Modiano’s grotendeels autobiografische oeuvre.
Ook Louki groeide op bij Place Blanche, wist niet wie haar vader was en
had een moeder die geen moeder kon zijn. Ook zij werkt ’s avonds bij le
Moulin Rouge, waarna haar dochter, alleen thuis, paniekaanvallen krijgt,
aan het zwerven slaat en op het politiebureau belandt. Daar is er voor het
eerst iemand die naar haar luistert. ‘Ik was opgelucht dat hij alles
opschreef, zwart op wit, net als op de graven waar namen en data in zijn
gegraveerd, dat wilde zeggen dat het afgelopen was’.
Net als in het laatste verhaal uit Des inconnues introduceert Modiano in
deze roman een soort sekteleider, waarschijnlijk gemodelleerd naar de
Russisch-Franse mysticus Gurdjieff, wiens volgelingen hij als jongen
observeerde. Ditmaal gaat het om een vaag soort wijze die zich met de
occulte wetenschappen bezighoudt en regelmatig uitnodigingen verstuurt
naar dolenden die een leidraad denken te vinden in zijn lezingen bij
kaarslicht. Dat cultboek is Horizons perdus, een boek (en ook een
Amerikaanse film) over een groep westerlingen die de Tibetaanse bergen
doorkruist op zoek naar Shangri-La, het paradijs.
Vluchten, vertrekken, breken, ontsnappen. ‘Iedere keer als ik alle
banden met iemand verbrak’, schrijft Louki, ‘ervoer ik dezelfde roes.
Ik was pas echt mezelf op het moment dat ik ervandoor ging.’ Bij Modiano is het paradijs onbereikbaar, het is de hunkering die blijft.
Bron
www.nrcboeken.nl
Lees ook van Margot Dijkgraaf:
- De
beste recente Franstalige literatuur
-
'Ik
ben bang ontmaskerd te worden' -
Olivier Rolin over zijn krankzinnige roman Suite in het Crystal
|
| |
| Boek
bestellen? Klik
op de titel en u kunt het boek direct bij bol.com
bestellen. |
| |
| Patrick
Modiano In
het cafe van de verloren jeugd
|
|
|
'Een
Parijs' café in de jaren zestig, bezocht door een allegaartje van
marginale figuren: jongeren met vage artistieke aspiraties, oudere
jongeren, die al een verleden te verzwijgen hebben.
Op een avond duikt Louki op. Ze lijkt een schuilplaats te zoeken, al
begrijpt niemand wie of wat haar precies bedreigt – zijzelf misschien
nog wel het minst.
Louki is de broze heldin van een navrante geschiedenis. Vier verschillende
personages vertellen haar verhaal, als laatste haar vriend Roland, een
schrijver in spé. Nog steeds meent hij haar stem te horen, 's nachts, op
de Champs-Élysées...
ISBN 9789021434209 | 149 pagina's | € 16,95
Uitgeverij Querido
|
|
|
| |
|
| |
|
|
| |
| |
|